Meer BV’s maar nog geen tsunami van wijzigingen

Het nieuwe wetboek vennootschappen en verenigingen (WVV) werd op 28 februari goedgekeurd. Vanaf 1 mei is het nieuwe vennootschapsrecht van kracht. Eén van de aanpassingen is dat het aantal vennootschapsvormen teruggebracht wordt tot 4 (in hoofdzaak): besloten vennootschap (BV), naamloze vennootschap (NV), coöperatieve vennootschap (CV) en de maatschap (MS). Daarnaast blijven de vennootschap onder firma (VOF) en de commanditaire vennootschap (CommV) als varianten met rechtspersoonlijkheid van de maatschap bestaan.

Vennootschappen die sinds 1 mei opgericht worden, moeten dat volgens de nieuwe vormen doen, terwijl bestaande vennootschappen nog tot 1 januari 2024 de tijd hebben om hun statuten aan te passen, tenzij er eerder al een statutenwijziging gebeurt. Opgelet: enkele dwingende bepalingen worden al op 1 januari 2020 van kracht. Wie tegen 1 januari 2024 nog geen nieuwe rechtsvorm heeft, zal die van rechtswege omgezet zien.


Is de impact op nieuwe oprichtingen al zichtbaar?

 

Met de nieuwe wetgeving Vennootschappen, Verenigingen en Stichtingen (WVV) was het de bedoeling van de BV, de opvolger van de BVBA, de “default” rechtsvorm te maken. De wetgeving heeft zijn doel niet gemist.Van alle oprichtingen de afgelopen 4 maanden, waren er 76 % BV’s t.o.v. 62 % BVBA’s in 2018. Dit betekent dat er fors meer voor de “flexibele” BV wordt geopteerd dan voorheen.Ook het aantal oprichtingen van naamloze vennootschappen daalt ten voordele van de BV. Met een kleine 2% t.o.v. 3% in 2018 wordt deze vorm enkel nog gekozen voor de grote bedrijven.

De oprichting van een coöperatieve vennootschap is gedaald tot amper 0.25%. Dit heeft waarschijnlijk alles te maken met het voorwerp. Dit dient, opnieuw, duidelijk het “coöperatieve gedachtegoed” te respecteren.   Mede door het afschaffen van een aantal rechtsvormen krijgen we een meer afgelijnd ondernemingslandschap, waar de BV DE vennootschapsvorm bij uitstek is.

Aanpassing statuten aan WVV kent minder succes

Sinds 1/5/2019 tot op heden zijn er slechts een 3.000 ondernemingen die de statuten via de optin optie hebben aangepast aan de nieuwe WVV. 2.400 hiervan zijn wijzigingen van de rechtsvorm naar BV. Gezien de huidige actieve populatie BVBA ’s +/- 400K ondernemingen bevat die moeten geregulariseerd worden, is het aantal dat reeds is aangepast te verwaarlozen.Voor de “optin” mogelijkheid wordt duidelijk niet gekozen. Vanaf 1/1/2020 worden sowieso de “dwingende bepalingen” van kracht, ook voor de ondernemingen die nog niet zijn aangepast.